TEMSTEM makes the 8 'o clock NOS news

Full text of the NOS article:

Apps Online therapie met behulp van je mobiel: zelfhulp via apps rukt op in de geestelijke gezondheidszorg (ggz). Maar er is nog een lange weg te gaan voordat iedereen hulp zoekt via apps of chats, blijkt uit een jaarlijks onderzoek naar hoe mensen online hulp gebruiken.

Wel is het gebruik van e-health uit de kinderschoenen gegroeid, laat het onderzoek zien. Overal in de zorg wordt geëxperimenteerd met nieuwe mogelijkheden. Zo wil een kwart van de huisartsen komend jaar online hulp aanbieden voor psychische klachten. Eenderde van de psychiaters maakt al gebruik van dat soort technologie buiten de spreekkamer, nog eens eenderde wil dat gaan doen.

"Via apps kan je op het moment dat jij het nodig hebt zelf zorg krijgen. Bijvoorbeeld op straat of op een feestje. Gewoon via de mobiele telefoon", zegt Marc Blom van ggz-instelling Parnassia. "Het geeft mensen het gevoel dat ze meer controle krijgen over hun problemen."

 

Taboe-onderwerpen

In de geestelijke gezondheidszorg was online hulp al langer populair, omdat anonimiteit bij taboe-onderwerpen een voordeel kan zijn. Bij Parnassia gebruiken zo'n 91.000 mensen inmiddels maandelijks een vorm van e-health, zegt Blom. "Het is een nieuwe ontwikkeling waarvan we alle mogelijkheden nog aan het ontdekken zijn."

Een van de eerste populaire apps die Parnassia op de markt bracht is TemStem, een app voor mensen die stemmen horen. Zo'n 5000 mensen gebruiken de app inmiddels. Met de app leren gebruikers zichzelf afleiden zodat de stemmen verdwijnen. Volgens Blom hoort zo'n 10 procent van de Nederlanders stemmen.

Ook bij ggz Friesland experimenteren ze met interactieve apps. Zo is er een app ontwikkeld die gebruikmaakt van een virtual-reality-bril. Daarmee kunnen cliënten thuis aan hun angsten werken, zoals pleinvrees.

 

Uitdagingen

In appstores en op websites zijn inmiddels duizenden zorgapps te vinden. Maar de snelle groei leidt ook tot problemen. Zo is er weinig onderzoek naar online therapie op de langere termijn. Daarnaast is de financiering nog moeilijk, omdat verzekeraars bijvoorbeeld alleen reguliere therapieën vergoeden. 

En de snelle groei leidt ook tot apps die niet werken, of die uit zijn op het verkrijgen van persoonsgegevens. Voor gebruikers wordt het steeds lastiger te bepalen welke app goed is en welke niet. 

De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg stelde daarom eerder dit jaar dat er een keurmerk moet komen voor online hulp. Dan zien gebruikers meteen bij wie hun gegevens veilig zijn en welke apps werken. Het Trimbos-instituut werkt aan zo'n keurmerk voor de ggz, maar dat wordt nog niet op grote schaal gebruikt.

 

Discussie 

Er zijn ook tegenstanders van zo'n keurmerk,  zoals deskundige Lucien Engelen, directeur van het Radboud Reshape Center, een kenniscentrum voor technologie in de zorg. "Een keurmerk is dodelijk voor innovatie. De processen om zo'n keurmerk te krijgen zijn duur en traag. Voor die paar jongens op een zolderkamer met een goed idee wordt het dan onmogelijk iets op de markt te brengen."

Hij wijst erop dat online therapie via apps weliswaar snel groeit, maar nog in een pril stadium zit en dat het kaf vanzelf van het koren wordt gescheiden. "De nieuwe apps buitelen nu over elkaar heen. Maar alleen die goed zijn en als efficiënt worden beoordeeld blijven over. De rest verdwijnt gewoonweg. Dat is een vorm van selectie waar de consument de macht over heeft."

De Nederlandse Patiënten en Cliënten Federatie (NPCF) is het met hem eens, maar vindt dat de consument wel hulp moet krijgen om de juiste keuzes te maken in de wildgroei van mogelijkheden. Daarom werken zij aan een handleiding met tips waar mensen op moeten letten als ze een zorg-app willen downloaden.

news

© Reframing Studio